auteursrecht

JEFKa heeft het auteursrecht op alle hier getoonde cartoons. Kopieëren of publiceren is alleen toegestaan na uitdrukkelijke toestemming van de auteur.

 

5. Vertrouwd

Sinds enige tijd had ze thuishulp, lang had ze zich er tegen verzet maar onder druk van haar kinderen had ze zich tenslotte toch maar ‘overgegeven'. Gelukkig had ze gister een goede dag en had ze alles opgeruimd en doorgewerkt. Hoefde de hulp niets te doen. Konden ze koffie drinken en wat kletsen, verhalen had ze genoeg en dan bleef de hulp lekker in de huiskamer, ver van haar spulletjes. Hoe aardig en lief de hulp ook was het idee dat een vreemde in alle kastjes zit en aan al je vertrouwde spullen komt vond ze niet prettig. Nee, uitgebreid koffie drinken en dan kon ze misschien konden ze daarna nog wat boodschappen halen. Het beloofde mooie weer te worden en een wandeling door de winkelstraat vond ze altijd erg gezellig. Als ze daarna thuiskwamen was de tijd vast op.

   

4. Honderd jaar

Het zaaltje zat vol met nazaten. Kinderen kleinkinderen achterkleinkinderen en aanhang. Er hingen slingers en ballonen want het was feest Geertje was honderd jaar geworden. Zelf vond ze het wonderbaarlijk. Ergens in haar zat nog dat meisje van vijf dat met haar mooiste jurkje zondags naar de kerk ging en ook die jonge vrouw die stralend verliefd was op de man waar ze dertig jaar mee getrouwd zou zijn. De moeder die het gezin met 7 kinderen bij elkaar hield. Ze wist alles nog. De vreugde en het verdriet om de dood van twee van haar kinderen. De een nog maar 6 jaar oud de ander vorig jaar op 65 jarige leeftijd. Het zat allemaal in haar honderdjarige hoofd. Haar leven was vol en rijk geweest en had voor haar gevoel nu wel lang genoeg geduurd. Het feest om haar hoge leeftijd begreep ze niet zo goed. Ze was zoveel mensen tot last, haar kinderen die steeds maar weer langs moesten komen waren zelf inmiddels ook al oud en haar kleinkinderen die hun eigen leven en gezin hadden. Ze kwamen allemaal regelmatig op bezoek. Ze had nu ook al vijfentwintig jaar thuiszorg. Ook die waren allemaal op komen draven. Daar zaten de verzorgsters en haar huishoudelijke hulp was nu ook al weer bezig met koffie schenken. Moet je nou kijken al die mensen die hier speciaal voor haar waren gekomen. 100 jaar, dat is toch geen verdienste, je kunt ook gewoon te lang blijven leven. “Dag mevrouw” een haar onbekende jonge man was naast haar komen zitten. Hij had een grote microfoon in zijn hand. “mag ik u vragen hoe het is om honderd jaar te worden? “ Wat een onzin dacht ze, vroeger zou ze misschien vereerd zijn geweest met die aandacht maar daar was ze overheen. Als je maar oud genoeg wordt dan hoef je niet meer zo nodig. “nee hoor jongeman zei ze gedecideerd “daar heb ik helemaal geen belang bij.” (Tekst: Thuiszorg Amsterdam 2005)

 

 

 

   

3. Afknippen

Haar leven lang was Hannie de Boer trots geweest op haar haar. Toen ze nog jong was brak ze harten van alle mannen met haar prachtige lange donkere haren. Tot op haar billen had ze het. Vaak in een vlecht of een staart maar los was toch het mooist. In de latere jaren besteedde ze vaak meer dan een uur aan de kaptafel om haar haar op te steken. Afknippen? Nooit! Een vrouw haar schoonheid zit in haar haar. Had haar moeder al gezegd en daar zet je de schaar niet in. De laatste tijd was het haar wel zwaar gevallen haar inmiddels witte haar goed te verzorgen. Het douchen ging haar al niet zo gemakkelijk meer af nadat ze bijna was gevallen en dan dat haar wassen… Ze had geen stoel in de douche en ze was erg bang om te vallen. Ook het kammen van het haar werd steeds moeilijker. Haar armen waren stijver geworden en eerlijk gezegd werd ze er zo moe van dat ze het al een tijdje erbij had laten zitten. Als ze in de spiegel keek zag het er nog best netjes uit. Maar gisteren was er een juffrouw van de thuiszorg langs geweest. Ze zou haar komen helpen met douchen. Ze was daar schoorvoetend mee akkoord gegaan. Vallen in de douche was toch wel een erg groot risico. Wat hebt u uw haar mooi in een knot gestoken had ze gezegd. Maar later tijdens de douchebeurt was het uitgekomen.. haar haar was inmiddels één grote klit geworden. Afknippen was het enige dat er nog op zat. Afknippen.. na 85 jaar zou haar haar er alsnog af moeten?

(Tekst: Thuiszorg Amsterdam 2005)

   

2. Verleiding

Ze had heel veel van haar man gehouden en toen hij na 43 jaar huwelijk overleed was ze totaal ontredderd achtergebleven. Ze hadden nooit kinderen gehad en ook niet zo veel vrienden. Eigenlijk hadden ze altijd genoeg gehad aan elkaars gezelschap. Het leven was na de plotselinge dood van Karel zo leeg geworden. Hij had een boek zitten lezen, daar bij de kachel. Toen ze het boek hoorde vallen dacht ze dat hij in slaap was gevallen maar de vreemde houding maakte haar duidelijk dat dit zijn gewone middagslaapje was. Toen de dokter en de ziekenwagen weg waren was ze naar bed gegaan. Het liefst was ze in slaap gevallen om nooit meer wakker te worden maar ze was gewoon doorgegaan met leven. Bij de begrafenis had ze nog een oude vriend van Karel gesproken maar verder waren er alleen wat oppervlakkige kennissen. Twee jaar was ze nu al alleen en ze had leren wennen aan de stilte. Niet dat ze met Karel zo veel praatte, die zat het liefst te lezen in een van de ruim 500 boeken die hij in de loop van zijn leven had verzameld. Zij had geen interesse in die boeken. Ze had nooit veel gelezen en nu begon ze langzamerhand een beetje een hekel te krijgen aan die boeken. Ze herinnerde haar te veel aan Karel. Ze zag hem weer voor die kast staan, bladerend in een van die bijzondere banden waarvan ze geen idee had wat er in stond. . Ze dacht erover om ze maar eens weg te doen die boeken. Stoffig en somber werd je huis er van en nu Karel er toch niet meer was. Dan had ze daar liever een laag kastje met een vaas bloemen erop. Dat was ook minder werk voor Annemarie van de thuiszorg die haar een keer per twee weken hielp met haar huishouden. Ze had Annemarie al eens voor die boekenkast zien staan snuffelen. Misschien wilde die wel een paar boeken hebben. Sprakeloos stond Annemarie de volgende dag met een boek in haar handen. Ze kende dit boek nog uit haar jeugd en was er al een tijdje naar op zoek In antiquariaten had ze alleen exemplaren zien liggen die minstens 100 euro kosten en die waren niet zoo gaaf als dit exemplaar. Neem het nou maar mee kind. Ik gooi ze anders weg. (Tekst: Thuiszorg Amsterdam 2005)

 

 

 

   

1. Ik doe alles zelf!

Mam ga nou even zitten.’ Mevrouw Jansen loopt onrustig door de kamer. Ze wil iets gaan doen maar weet even niet meer wat. ‘Wil je koffie?’ vraagt ze. ‘We hebben toch net al drie koppen koffie gedronken. Toe mam doe nu even rustig zo meteen komt die mevrouw van de thuiszorg om te kijken of ze hulp kunnen geven.’ ‘Hulp? Waarbij? Ik doe alles toch nog zelf. Ik wil niets te maken hebben met thuiszorg.’ ‘We hebben het hier toch al uitgebreid over gehad mam. Toe nou, ik kan echt jouw huishouden er niet ook nog bij doen.’ ‘Dat hoeft toch ook helemaal niet? Ik doe het zelf wel hoor, ik heb mijn hele leven voor mijn eigen huishouden gezorgd.’ ‘Maar je bent niet zo jong meer. Je moet toch echt een beetje om jezelf denken. Je kunt die trap toch niet meer op om de ramen te lappen.’ ‘Jawel hoor, ik hoef het toch niet zo snel te doen’? ‘En kijk eens naar je slaapkamer dan. Dat is een echte grote puinhoop geworden alle kleren liggen door elkaar. Dat kan toch zo niet.’ “Kleren? Daar weet ik niets van die moet iemand anders daar hebben neergelegd. Maar ik ruim het zo wel op hoor. Wil je nog koffie?’ ‘O, de bel daar zul je de mevrouw van de thuiszorg hebben.’ ‘Thuiszorg? Wat komt die doen.’  (Tekst: Thuiszorg Amsterdam, 2005)